situeringWe wonen pal in het midden van de Waterwijk in Gent, net ten noorden van de Vrijdagmarkt, dichtbij de Sint-Jacobs-kerk en het Sluizeken. Je kan zo in onze slaapkamer en onze badkamer binnenkijken vanuit de toren van het MIAT (waarvan je het dak helemaal rechtsboven op de foto ziet).

Ons huis is ingrijpend verbouwd in 1705, maar het staat er als huis, op precies hetzelfde perceel, al sinds minstens 1325 en wellicht sinds het begin van de dertiende eeuw. We hebben een huis, een tuin, en dan nog een zestiende- of zeventiende-eeuws achterhuisje, waar in de negentiende eeuw twee aparte beluikhuisjes in zaten van elke zo'n 12 m².

De oppervlakte van de tuin (in het groen gekleurd op de afbeelding) is zo'n 50 m². Of beter: de koer is ongeveer vijtig vierkante meter. Toen we het huis in 1999 kochten, was de hele koer geplaveid, stond op de ene helft van de koer een soort overdekte remise, en stonden tegen het achterhuis wat koterijen geplakt (een toilet en—denken we—een kolenhok). Tegen het kolenhok had een vlinderstruik zichzelf geplant, en links en rechts groeiden wat boomscheuten en varens tussen de stenen.

Omdat bij de minste regen de keuken overstroomde, heb ik redelijk snel de niet-overdekte helft van de koer opgebroken en de tegels ervan weggehaald. De grond onder de tegels zat vol glas, steengruis, ijzer, en in het algemeen: afval van eeuwen koer-zijn. Bijzonder spectaculair was ook wel dat hele stukken grond helgroen waren: blijkt dat in het achterhuis ooit nog een kopersmelterij gezeten heeft.

Omdat de vloer toch open lag, heb ik tegen de muur een drietal clematissen geplant, drie klimoppen, en een kamperfoelie. Ik heb ook geprobeerd gras te zaaien, maar dat is minder goed afgelopen: we hadden geen machine om het gras af te maaien dus het stond meteen vol onkruid en stro, en er was gewoon te weinig licht zodat het in de winter allemaal afgestorven is.

In de zomer van 2003 hebben we de remise afgesmeten, en zijn we begonnen aan de verbouwing van het achterhuis.

De vlinderstruik moest eraan geloven, en de tuin heeft een maand of vier onder het puin van de remise gelegen. Dat is weggehaald, maar door een misverstand met de werkmensen zijn alle klimplanten ook af- en uitgetrokken.

Tijdens de verbouwingen van het achterhuis zelf, was de koer de opslagplaats voor vanalles, zodat in april de koer onder ongeveer een halve meter bouwafval en assorted crap lag: in totaal hebben we er drie containers uitgehaald.

Midden april 2004 nadat dat puin geruimd was, hebben we de bovenlaag van de grond afgeschraapt en een lading van zo'n 15 m³ verse grond aangevoerd.

Bleek dat twee van de clematissen de afbraak en drie puinruimingen overleefd hadden; ik heb wat gras gezaaid en we zijn om een paar plantjes in het tuincentrum geweest (de goedkoopste, kleine dingetjes in plastieken potjes). Het gras is overwoekerd door allerlei onkruid, maar met veel afrijden en regelmatig wieden, komt er langzaam maar zeker beterheid in.

Op 18 augustus zag de koer er zo uit:

Redelijk smal, hoge muren, en dus redelijk donker. Ongeveer een derde van de koer ziet nooit zon, ook niet 's middags in de zomer. Dat heeft uiteraard gevolgen voor de planten die er kunnen groeien: we hebben speciaal gras gekocht dat volgens de verpakking in volle schaduw kan groeien, en op de klimroos na, zijn praktisch alle planten schaduwplanten.